Aanmelden

Gebruikersnaam Paswoord

Registreren

 

En de toekomst?

Voorlopig ziet het er naar uit dat er een blijvend tekort zal zijn aan geschikte organen om de aandoeningen van verschillende organen afdoende te kunnen behandelen. Gelukkig wordt in diverse wetenschapsgebieden gezocht naar een oplossing. Het transplanteren van stamcellen, kunstorganen en misschien zelfs dierlijke organen is een zichtbare mogelijkheid in de niet al te verre toekomst. Uiteraard moeten er eerst nog heel wat medische, sociale, economische en ethische vragen beantwoord worden...

Kunstorganen

Wanneer we kunstorganen vernoemen, denken we vooreerst aan het kunsthart en de artificiële lever. Hoewel deze apparaten al heel ver gevorderd zijn, is het tot op heden nog niet gelukt om deze als geheel vervangende organen te gebruiken. Het zijn tijdelijke en vaak dure oplossingen om een brug te slaan naar een toekomstige transplantatie. Desalniettemin kunnen dus ook deze oplossingen patiënten redden.

Xenotransplantatie

Xenotransplantaties zijn de transplantaties die gebeuren tussen 2 verschillende soorten, cavia en rat, hamster en rat of zelfs aap en mens. Het belangrijkste is hierbij de natuurlijke afstoting van het orgaan te vermijden of vertragen.
Het is namelijk zo dat wanneer zo een transplantatie gebeurd, er steeds een reactie optreed in het lichaam die het soort- en lichaamsvreemde orgaan wil afstoten en vernietigen. Wanneer de 2 soorten erg verschillen qua genetisch materiaal zal de reactie veel sneller en heftiger optreden dan wanneer de soorten meer verwant zijn (denken we aan mensen en mensapen). Omwille van deze zuiver immunologische reden zou de keuze van de donor uitgaan naar deze concordante dierenrassen.
Daar echter schuilen zich de zware ethische problemen. Vooreerst betreft het hier zeldzame dieren, waarbij het opofferen niet alleen bij dierenbeschermingsorganisaties bezwaren oproept. Niet ten onrechte, zeker zolang de succeskansen van deze transplanten nog beperkt zijn. Geringe overlevingsduur bij recent uitgevoerde hart- en levertransplantaties met baviaandonoren bewijst dit. Er is nog heel wat kennis op te doen over afstotingsmechanismen eer deze praktijken routine kunnen worden.
Grote vrees is er ook ten opzichte van gevaarlijke retrovirussen die mogelijk in deze primaten aanwezig zijn, en naar de mens zouden kunnen overspringen. Gelukkig is dit niet zo evident.
De laatste vraag die nog rest is, zullen xenogenetische organen even goed functioneren als dierlijke organen.

UZ Gent Transplantatiecentrum - De Pintelaan 185 - 9000 Gent - tel 09 332 21 11